Bèta zijn met taal

In de pauze van de Taalkunde Olympiade 2013 horen twee docenten Nederlands hun scholieren uit over de vragen.

Terugblikken op de Taalkunde Olympiade 2013

“Eigenlijk zou ik ook wel willen meedoen”, zegt mw. G.E. Brussé-Dekker enthousiast. Zij wilde eens ‘wat anders doen’ in haar lessen Nederlands en vond op internet de Taalkunde Olympiade. Samen met haar collega’s van het Guido de Brès uit Rotterdam stoomde zij dertien bovenbouwleerlingen klaar voor de Olympiade. 

“Deze Olympiade is uniek en zou eigenlijk veel meer onder de aandacht gebracht mogen worden”, meent zij. Dit wordt beaamd door haar collega dhr. P.A. Zevenbergen, die in het verleden zelf historische taalkunde studeerde aan de Universiteit Leiden. “Bij het vak Nederlands ligt de nadruk vaak op literatuur, terwijl taalkunde juist ook heel interessant en bijzonder leerzaam is.” Beiden vinden de Taalkunde Olympiade daarom een goed initiatief om scholieren op een creatieve en vooral ook andere manier uit te dagen met taal.


Bezig zijn met taal

Een paar tafels verder buigen Minke Driessen (16), Thomas Batelaan (15) en Michelle To (16) zich nog eens over opgave drie, die over een taal uit de Caribische taalfamilie gaat. Hoewel zij hun antwoorden zojuist hebben ingeleverd en er een lunch voor hen klaarstaat, puzzelen zij in het restaurant van de universiteit gezellig door; “het is nou eenmaal gewoon heel leuk om met taal bezig te zijn!", klinkt het fanatiek.

Minke legt uit waarom die derde opgave zo lastig is: “je moet zowel rekening houden met de stam van het werkwoord, als de uitgang en het bijbehorende lijdend voorwerp. Door veel te puzzelen, kun je deze elementen herleiden.” Een dergelijke uitdaging met taal schrikt deze scholiere van het Stedelijk Gymnasium JVO in Amersfoort echter niet af; zij heeft zes talen in haar pakket en heeft bovendien een extra lessenserie over taalwetenschap gevolgd, die zij erg leuk vond. Het is dan ook niet verwonderlijk dat zij overweegt om Taalwetenschap te studeren. De Taalkunde Olympiade, waarvan de opgaven gemaakt zijn door docenten en studenten van Taalwetenschap en allerlei andere taal- en cultuurstudies, maakt haar in ieder geval alleen maar enthousiaster.

“Het is zo gaaf dat talen van elkaar afstammen en dat je veel kunt herleiden”, roept Thomas. Ook hij is erg te spreken over de opleiding Taalwetenschap. Zeker voor het Proto-Indo-Europees heeft hij veel belangstelling. Aan de Universiteit Leiden is hij dan aan het juiste adres, omdat studenten hier de specialisatie Vergelijkende Indo-Europese taalwetenschap kunnen kiezen.

Voor Michelle hoeft zo’n taalstudie niet; zij wil veel liever Tandheelkunde doen. De anderen reageren dat dit “veel te bèta” voor hen is. Thomas nuanceert zijn antwoord echter: “ik ben niet zo’n fan van cijfers, maar ik houd wel van bèta zijn met taal.”

Naast Minke, Thomas en Michelle doen er nog zo’n 130 andere VWO-scholieren mee uit heel Nederland. Op 9 maart krijgen zij te horen wat hun resultaat is. De winnaars van de Taalkunde Olympiade mogen Nederland deze zomer vertegenwoordigen op de Internationale Taalkunde Olympiade in Manchester.


Laatst Gewijzigd: 18-10-2013